winstbelasting
Bedrijven en hun belangen organisaties VNO (Verbond van Nederlandse Ondernemingen)
en AWVN (Algemene Wekgeversvereniging Nederland)
voeren luid en duidelijk propaganda dat
de winstbelasting voor ondernemers in Nederland
zeer onvriendelijk is.
Hoe hoog die belastingdruk op het bedrijfsleven dan wel is, laat zich makkelijk berekenen.
Als grove benadering zetten we daarvoor de werkelijk betaalde winstbelasting af tegen
de bruto winst van het jaar daarvoor en dat over een periode van 20 jaar.
In belasting jargon gaat winstbelasting onder de naam vennootschapsbelasting, met
vpb als de afkorting daarvoor. Het cbs openbaart deze gegevens in reeksen vanaf 1995.
En wat blijkt?
In de 20 jaar van 2006 tot en met 2025 is er een winst vóór belastingen
gemaakt van in totaal
€ 5.488.285 miljoen. Daarover is in die 20 jaar in totaal
€ 471.801 miljoen winstbelasting betaald. De bijdrage van het bedrijfsleven aan onze
samenleving blijft daarmee op 8,6% van haar verdiensten steken.
Vergeleken met het hoge belastingtarief van 25,8% op winsten in 2025 -voor de winsten boven de € 200.000 per jaar- is dat een korting met 2/3e. Bedenk daarbij dat de belastingdruk op het loon van werkenden rond 36% tot 40% zweeft, dan is de bijdrage van bedrijven aan onze samenleving een schijntje. Heel mager bij de pretentie dat juist bedrijven de motor zouden zijn waarop de Nederlandse welvaart draait. Voor vermogenden geldt dat, maar niet voor de werkenden.
De Nederlandse samenleving laat zich plukken door bedrijven -met daarachter hun internationale aandeelhouders en geldschieters- om zo’n groot deel van de opbrengst uit de gezamenlijke economische inspanning weg te geven.
| vennootschapsbelasting en brutowinst 1995 - 2025 in € miljoen | ||||||||
| bruto winst | bruto winst | bruto winst | ||||||
| vpb | jaar eerder | vpb | jaar eerder | vpb | jaar eerder | |||
| 1996 | 12.500 | 86.802 | 2006 | 17.907 | 200.719 | 2016 | 21.035 | 263.343 |
| 1997 | 14.673 | 94.272 | 2007 | 18.552 | 222.050 | 2017 | 21.413 | 255.081 |
| 1998 | 15.300 | 103.719 | 2008 | 18.841 | 259.369 | 2018 | 23.613 | 273.668 |
| 1999 | 15.651 | 112.203 | 2009 | 11.604 | 222.271 | 2019 | 25.929 | 292.733 |
| 2000 | 16.736 | 122.450 | 2010 | 12.382 | 194.320 | 2020 | 21.677 | 306.537 |
| 2001 | 17.580 | 131.238 | 2011 | 12.409 | 228.011 | 2021 | 30.696 | 266.423 |
| 2002 | 15.354 | 140.101 | 2012 | 11.854 | 242.927 | 2022 | 38.275 | 349.255 |
| 2003 | 13.392 | 139.107 | 2013 | 12.447 | 239.091 | 2023 | 47.515 | 411.959 |
| 2004 | 14.944 | 146.048 | 2014 | 14.511 | 237.376 | 2024 | 45.175 | 384.626 |
| 2005 | 17.069 | 172.703 | 2015 | 16.108 | 234.718 | 2025 | 49.858 | 403.808 |
| 153.199 | 1.248.643 | 146.615 | ####### | 325.186 | 3.207.433 | |||
| gemiddelde | 12,27% | 6,42% | 10,14% | |||||
| belastingdruk | ||||||||
| over 10 jaar | ||||||||
Bedrijven verlagen hun belasting afdracht door van speciale regelingen te profiteren.
De regeling compensabele verliezen maakt het mogelijk dat verliezen uit voorgaande jaren
worden afgetrokken van de nog te betalen belasting. Ook de verliezen van dochterbedrijven
vallen daaronder. Zelfs als het om buitenlandse dochters gaat, kan het moederbedrijf
die verliezen in Nederland verrekenen met de belastingdienst. Zo lukte het Shell destijds
-toen het belasting technisch een Nederlands bedrijf was- over meerdere jaren geen of maar
heel weinig winstbelasting te betalen.
Deze regeling lokte uit dat er een levendige handel is ontstaan in bedrijven die met grote
verliezen failliet waren gegaan. Want de nieuwe eigenaar kan met die aankoop zijn eigen
afdracht aan winstbelasting verlagen.
Ook de rente over leningen van buiten die een bedrijf is aangegaan, is aftrekbaar van
de winstbelasting. Met deze regeling wordt gestimuleerd dat bedrijven met hoge leningen
gaan werken. Multinationals verstrekken daarom een producerend dochterbedrijf bij voorkeur
een lening via een ander -mogelijk buitenlands- financieel dochterbedrijf om zo de te
betalen winstbelasting van de dochter te drukken.
Tegelijkertijd het rente voordeel bij een buitenlandse financiële dochter boven te laten
komen.
(63. belastingparadijs)
Bedrijven die parasiteren op de reële economie zoals hedge funds -die verdienen aan de
handel in bedrijven- stoppen een gekochte prooi meestal vol met schulden, tegen hoge
rente, opdat er jarenlang geen belasting over de winst betaald zal worden.
(53. zwerfkapitaal)
vermogens belasting
Dat bij belastingheffig de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen is een leugen.
De hoogste bomen vangen minder wind, stelt zelfs het CPB in 2026.
In 2025 bleek in Nederland het totale inkomen uit vermogen anderhalf keer groter
te zijn dan het loon voor alle werkenden in loondienst tezamen.
De publicatie van het CPB geeft het verschil aan in de bijdragen aan de samenleving vanuit belasting op werk, winst en vermogen. Uitgedrukt als percentage van de Nederlandse economie, brengen de werkenden verreweg het grootste deel op. Degenen die leven van de opbrengst uit vermogen een bedroevend stuk minder. En verhoudingsgewijs neemt dat zelfs af.
De afdracht aan de samenleving ligt voor de werkenden 8 keer hoger dan voor vermogenden. Inkomen uit werk en vermogen wordt dus zeer ongelijk belast. Herhaaldelijk is -ook ambtelijk- opgeroepen te snoeien in de vele onnuttige vrijstellingen voor vermogenden binnen het belastingstelsel. De diverse vorige regeringen hebben dat nooit aangedurfd en bij de huidige is dat niet anders. (47. sociaal akkoord)
Daarom is het aan de vakbondsleiding om bij onderhandelingen over een centraal akkoord
of
de betaalbaarheid van sociale voorzieningen allereerst deze ongelijkheid in bijdragen
aan de samenleving recht te zetten.
(24. werkgevers en centraal akkoord)
conclusie:
niet de sociale voorzieningen zijn onbetaalbaar,
vermogenden en bedrijven ontduiken hun maatschappelijke bijdrage
belasting vrijstellingen op vermogen
In Nederland werden in 2024 zo’n 452.000 miljonairs geteld. Hun vermogen wordt niet
belast en hun inkomen uit dat vermogen wordt slechts licht belast. Veel lager dan de
36% tot 40% op de verdiensten van werkenden. Dit belastingsysteem houdt een groeiende
groep gepriviligeerden
in stand dat zichzelf boven de samenleving plaatst.
Er bestaan volgens het Ministerie van Financiën zo’n 200 regelingen, die uitzonderingen,
subsidies, compensaties en zelfs toeslagen op belasting op vermogen bieden. In 2025 ging
dat om € 167.000 miljoen op een totaal aan belasting opbrengst van
€ 425.000 miljoen. Een pret pakket dat zo’n 40% opslokt van de totale
belasting opbrengst.
In 2025 zijn ambtelijk alvast 53 regelingen ter waarde van € 85.000 miljoen als onnuttig
of zinloos beoordeeld. Afschaffing op korte termijn zou al € 35.000 miljoen
per jaar opleveren.
conclusie:
het cadeau stelsel voor vermogenden is onnodig en te kostbaar
Als illustratie een losse greep uit de vele vrijstellingsregelingen.
De hypotheekrenteaftrek is bovenal interessant voor bezitters van de duurdere woningen,
waarvan het bezit met veel geleend kapitaal is verkregen. De aftrek is jaarlijks tussen
de
€ 10.000 en € 11.000 miljoen groot. Jaren geleden was dat nog veel meer.
De laatste regeringen waagden zich niet aan schrappen van deze voordeelregel.
| cbs voordeel aftrek eigen woning 2024 | ||||
| voordeel inkomsten belasting | voordeel aftrek eigen | |||
| & premie volksverzekeringen | woning (gemiddeld euro | |||
| inkomens | na aftrek eigen woning | per maand) | ||
| groep | in €uro per maand | |||
| laagste 20% | 80 | 30 | ||
| 2e | 260 | 60 | ||
| 3e | 780 | 120 | ||
| 4e | 1.500 | 180 | ||
| hoogste 20% | 4.770 | 260 | ||
Giftenaftrek aan een of meer van de 45.000 ANBI’s (algemeen nut beogende instelling)
of aan een SBBI (sociaal belang behartigende instelling)
betekent geen erfbelasting en aftrek van de inkomsten- en winstbelasting. Dit geeft een
belastingvoordeel van € 5.000 tot € 6.000 miljoen
per jaar.
In 2017 waren belastingbetalers met een vermogen boven € 25 miljoen goed voor 40%
van de aftrek van periodieke giften.
Giften aan bepaalde culturele instellingen kunnen een belastingkorting opleveren
van 125%.
Dat betekent een winst van een kwart op de gift. Het gerucht gaat dat er ook nog hogere
belastingvoordelen tot wel 150% of meer behaald kunnen worden.
Het betekent dat na aftrek van de gedane gift van het belastbaar inkomen, daarvoor
een extra beloning wordt uitgekeerd. Op kosten van de staatskas.
Geen illusie: de grote giften aan goede doelen door vermogenden worden gedaan om te profiteren van het belastingvoordeel.
Mensen die echt begaan zijn met voorgegeven goede doelen, kunnen zelden meer dan kleine donaties missen. Zij mogen hun inkomen niet eens met meer dan 10% verlagen door giften.
Van de belastingvrije stichtingen in 2023 van gegoede families hadden
er 6.000 een omvangrijker vermogen dan € 100.000,-. Enig zicht op deze vermogens ontbreekt.
Uit ideële en sociale motieven geven deze families geld weg aan goede doelen.
Er bestaat geen enkele omschrijving of controle op wat deze stichtingen onder dat algemeen
belang verstaan. Het goede doel kan zomaar weer een andere -eigen- familie stichting zijn.
Vaak staat daar dan een tegenprestatie tegenover, zoals het gratis gebruik van een woning
of landgoed.
140 Gulle gevers presteerden het om helemaal geen inkomstenbelasting meer te betalen
ten tijde van de onbegrensde aftrek tot aan 2023.
Het totale vermogen van de familiestichtingen beliep zo’n € 31.500 miljoen, die niet of
nauwelijks belast werd in 2023. Alleen al 13 van deze stichtingen waren goed voor
€ 18.400 miljoen. Donaties van meer dan € 250.000 per jaar, gedurende minstens 5
opeenvolgende jaren blijven nog steeds onbeperkt aftrekbaar.
Een Maatschappelijke Alliantie is een relatief nieuwe ‘social impact’
belasting constructie vermomd als ondernemende filantropie. Daarbij worden programma’s
uitgevoerd zoals het naar werk begeleiden van werklozen of het integreren van vluchtelingen.
Deze programma’s bieden grote, geheime belastingvoordelen. Hierbij gaat het niet meer
om giften, maar om aandelen in
en leningen aan projecten met ‘maatschappelijk rendement’,
formeel in opdracht van de terugtredende overheid. Het heet dat gemeenten met dit
publiek-privaat verdienmodel ontlast worden, terwijl het meer wegheeft van uitbesteding
in het voordeel van de uitvoerder. Een vermenging van commercie met filantropie.
Al langer zet de Vereniging Fondsen Nederland van 250 vermogende families ter waarde van
€ 70.000 tot € 80.000 miljoen zich in voor dit soort allianties. Bekende lobbyisten voor
dit verdienmodel zijn Arent Jan de Geus (onder andere voormalig CNV bestuurder),
Jan Peter Balkenende (voormalig ethicus aan de VU Amsterdam) en Alexander Rinnoy Kan
(voormalig voorzitter SER en VNO). Vanaf 2014 voerden zij hierover zelfs geheime
onderhandelingen met diverse regeringsdelegaties.
Het zijn zeer vermogende mensen die opmerkelijk weinig belasting betalen.
Zij maken graag gebruik van publieke voorzieningen voor iedereen, van gezondheidszorg,
onderwijs, de infrastructuur en van de maatschappelijke organisatie tot aan de rechtsstaat toe. Maar daar aan mee betalen? Nee, zo min mogelijk.
Liever investeren zij in de eigen hobby’s en persoonlijke grillen vanuit
de eigen groepsvooroordelen, dan bij te dragen aan de door de overheid
georganiseerde sociale zekerheid voor de gehele bevolking.
Grote sier maken, aanzien en macht kopen met vrijgevigheid en daar nog belasting korting voor krijgen ook, dat is het echte werk.
Sterker kan ook nog: geld toe krijgen als de giften belastingtechnisch zijn te verkopen als een geheel belangeloze bijdrage vanuit liefdadige bewogenheid
De landbouwvrijstelling sinds 1918 houdt in dat de eigenaar -meestal een belegger, niet de pachtende boer- bij verkoop van landbouwgrond niet wordt aangeslagen op de waardestijging van die grond. Daarmee wordt de samenleving minstens € 2.200 miljoen per jaar onthouden.
De BOR, bedrijfsopvolgingsregeling, is aanvankelijk ontworpen om het
de erven van Kommer Damen aangenaam te maken. Bij overdracht van zijn scheepsbouwbedrijf
aan zijn kinderen is de gebruikelijke erf- en schenkbelasting buiten werking gesteld.
Alle mede-eigenaars voor 5% of meer bij een niet beursgenoteerd familiebedrijf profiteren
hiervan. De eerste € 1,5 miljoen is belastingvrij, de overige waarde blijft voor 83%
vrijgesteld van belasting.
€ 2 mln vereving door een kind wordt belast met € 383.000,-
€ 2 mln vererven van ondernemingsvermogen wordt belast met € 11.000,-
BOR maakt verrijking door erfenissen 10 tot 35 keer groter.
In het verlengde hiervan zijn er zogenoemde rollator investeringen ontstaan. Daarbij koopt een bejaard familielid een bedrijf, alleen maar om de erfbelasting te verlagen. De truc is dat privé vermogen belasting technisch wordt omgezet in ondernemingsvermogen waardoor de BOR van toepassing wordt.
Er bestaat een doorschuifregeling DSR. Bij verkoop van een belang groter dan 5% in een bedrijf blijft de opgebouwde waardevermeerdering onbelast voor de inkomstenbelasting van de verkoper. De verhoogde waarde van het bedrijf gaat zondermeer over naar de nieuwe eigenaar. Deze regeling is speciaal ingevoerd voor de meestal kleine en middelgrote familiebedrijven. Toch, ook de families achter grote, niet beursgenoteerde bedrijven profiteren hiervan. Bijvoorbeeld die van baggeraar Van Oord, brouwer Swinkels/Bavaria, aannemer Dura Vermeer, de hotel groepen Van der Valk, wegtransporteur Simon Loos.
Eigen aandelen inkopen door beursgenoteerde bedrijven gebeurt om het aantal uitstaande aandelen te beperken, zodat de dividend uitkering aan aandeelhouders omhoog gaat. Op dividend uitkeringen zelf wordt meestal belasting geheven, op de aandelen inkoop niet. Tussen 2021 en 2023 zijn in Nederland jaarlijks € 23.100 miljoen aandelen teruggekocht door belastingplichtige bedrijven. Door de belastingvrijstelling is naar schatting € 800 tot € 2.000 miljoen per jaar gemist.
Directeur eigenaars zijn voor minstens 5% eigenaar van -meestal- een midden-of kleinbedrijf. Zij maken zelf wel uit wanneer zij hun inkomsten afrekenen met de Belastingdienst. Want massaal geven ze een onwaarschijnlijk laag eigen salaris op. In 2023 werd de samenleving met deze truc zo’n € 5.000 miljoen tekort gedaan. Tegelijkertijd leenden zij onbelast van hun bedrijf jarenlang voor de hogere eigen uitgaven. Zo stond er in 2024 € 65.000 miljoen aan leningen van de eigen bedrijven uit.
In 2019 leden 50.000 bedrijven structureel verlies van tezamen € 4.000 miljoen.
30.000 leveren helemaal geen goederen, geen diensten, hadden geen personeel en geen omzet.
De bulk van deze langjarige verliesmakers zijn dat om een belastingtechnische reden.
De belastingdienst kan namelijk de verplichte marktconforme rente op de lening van
bedrijven aan hun directeur-eigenaren niet controleren
De expat regeling bestaat al sinds1945. Aanvankelijk alleen voor Amerikanen, in het kader van het Marshall programma. USA burgers kregen 40% vrijstelling op hun inkomsten belasting in Nederland. Vandaar de vele Amerikanen die in Nederland verbleven. Pas in de 90er jaren is deze regeling uitgebreid naar inwoners van vijf Europese landen. In 2001 beperkt tot 30% korting op hun inkomsten belasting. Tot 2019 kon men 8 jaar lang gebruik maken van deze regeling, toen werd dat tot 5 jaar ingekort voor nieuwe expats. Dat raakte 11.000 mensen. Op initiatief van Amcham - de Amerikaanse bedrijven lobby in Nederland- werd daarover een rechtszaak aangegaan.
Voor veelverdieners is de expat regeling een goudmijn. In 2016 verdienden 225 expats ieder meer dan € 1 miljoen en profiteerden gemiddeld € 373.000. Grootverdieners soupeerden al een kwart op van de expatsubsidie van € 970 miljoen in 2017, € 1.045 miljoen in 2018.
In datzelfde 2020 vertrok hij, op het laatste jaar dat hij gebruik kon maken van de expat subsidie. Over zijn inkomen in dat jaar betaalde hij daardoor geen € 150 miljoen, maar slechts € 105 miljoen.
De expat subsidie gaf hem een belasting voordeel van € 45 miljoen.
In 2019 maakten in totaal 65.000 mensen gebruik van de expat regeling.
Hun gemiddelde extra woonkosten in Nederland lagen op 6% en niet de 30% die ze
aan subsidie kregen. Met deze subsidie zijn de huurprijzen voor woningen in de
Randstad opgejaagd.
Sinds 2020 maken 28 nationaliteiten aanspraak op de expat regeling. In 2024 goed voor
€ 1.130 miljoen verlies aan belasting inkomsten. Het voordeel voor een expat
met een inkomen van
€ 60.000 was in dat jaar € 9.000.
De willekeurige afschrijving op scheeps cv’s, wordt gebruikt door
een deel van de bemiddelde Nederlanders. In deze constructie stappen vele kleine
medebeleggers samen in een commanditaire vennootschap, afgekort CV. De inleg per persoon
is minstens € 20.000
tot € 50.000 ter financiering van circa 30% tot 40% voor een
te bouwen zeeschip onder Nederlandse vlag. Alles om belastingtechnische reden, niet
omdat er emplooi zou zijn voor zo’n schip. Voor de bouw sprokkelt de scheepsreder
op basis van de inleg van deze mede-scheepseigenaars het overige bedrag aan
bankhypotheken bij elkaar.
De beleggers gaat het hierbij om de toegestane afschrijving op het geÏnvesteerde bedrag.
Dit kan oplopen tot 50% per jaar inplaats van de gebruikelijk maximale 11,8%.
In drukke scheepsbouw tijden wordt zo’n schip niet binnen 2 jaar opgeleverd.
Intussen mag de belagger al wel afgeschrijven op het inkomen, zodat de gehele investering
kan zijn afgeschreven nog voordat het schip te water is gelaten.
Omdat er nog geen bedrijfsvoering kan zijn, betaalt feitelijk de belastingdienst
die afschrijving.
Een belastingconstructie voor mensen in bijvoorbeeld vrije beroepen die wegens
de verkoop van het eigen bedrijf tijdelijk een hoog inkomen hebben, om hiermee een hoge
aftrek op het belastbaar inkomen op te voeren.. Per jaar kost dit spel de schatkist
de laatste 15 jaar tussen de € 1.000 tot € 2.000 miljoen per jaar.
Los hiervan is het scheepseigenaren in de exploitatie toegestaan inplaats van winstbelasting gedurende 10 jaar een vast bedrag aan tonnage belasting te betalen, gabaseerd op het theoretisch laadvermogen van het schip. Daarmee is enig zicht op de werkelijk gemaakte winst zoek gemaakt.
Film cv’s bestonden ook alleen om belastingtechnische reden. Op een investering van bijvoorbeeld € 25.000 werd tot bijna 50% subsidie gegeven. Dat kon in de hoogste belastingtarief voor inkomens van 52% zomaar een voordeel van € 18.000 opleveren.
Fiscale beleggingsinstelling (fbi’s) van personen of instellingen die voor gezamenlijke rekening beleggen, betalen geen winstbelasting op het moment dat zij de opbrengst verdelen onder de deelnemers. Deze regeling is niet toepasbaar bij beleggen in onroerend goed.
De Vamil afschrijving op milieu-investeringen is relatief nieuw.
Binnen 1 jaar mag er willekeurig tot 75% worden afgeschreven.
Zowel de milieu-investeringsaftrek MIA als energie-investeringsaftrek EIA maken
het mogelijk om 45% in mindering te brengen op de winstbelasting of de inkomstenbelasting.
Het afschrijven en de aftrek mogen zelfs tegelijk gebeuren.
Een groter belasting voordeel kan worden behaald door de installaties te kopen
en dan uit te lenen aan de eigenlijke gebruiker. Voor wie onder het hoogste belasting
tarief valt, is de gelijktijdige afschrijving en aftrek nog interessanter als de aankoop
met -veel- geleend geld is gefinancierd. De investeerder wordt dan de netto subsidie
ontvanger en krijgt meer terug dan dat er ooit is geïnvesteerd.
asbestdaken vervangen door een dak met zonnepanelen:
inleg € 15.000, fiscale aftrek € 37.500
Belasting voordelen voor milieu investeringen, richt de toegang op bemiddelde en vermogende mensen. Daarmee is dit veel meer inkomenspolitiek naar vermogenden toe dan een milieu maatregel.
verheerlijking
Vanuit de ideologische verheerlijking van het ondernemerschap met persoonlijke verrijking
als maatschappelijk doel, is er een veelheid aan belastingvoordelen ingevoerd.
Dit gaat van voordelen zoals de winstvrijstelling en verlaagde winstbelasting voor
het midden-
en kleinbedrijf, grijze kentekens voor bestelbusjes, de zelfstandigenaftrek,
premieplafond voor hogere inkomens
(52. plundering volksverzekeringen),
startersaftrek, scale-up vrijstellingen, tot aan hypotheek aftrek, onbelaste aandelen
inkoop en de belasting vrijstellingen voor MNO’s
(63. belastingparadijs)
De winstbelasting, schenk- en erfbelasting en de 3 belasting boxen kennen zoveel uitzonderingen, dat het te ver gaat om die hier allemaal te benoemen. Er huist een heel legertje belasting specialisten op vooral de Zuidas, dat vermogenden en bedrijven adviseert hoe de regels het voordeligst zijn toe te passen. Ten dele hebben deze specialisten die belastingregels nog zelf geschreven ook.
Mede dankzij het belastingstelsel groeien de in Nederland verdiende
vermogens sneller dan de Nederlandse economie zelf. Over hoe dat
vermogen in Nederland verdeeld ligt onder de bevolking, zijn in de loop
der jaren meerdere rapporten uitgekomen. Wat daarin wel of niet
tot vermogen gerekend wordt verschilt nog al.
Ruwweg komt het er op neer dat in 2024 zo’n 840.000 mensen 60% tot 70%
van het totale geregistreerd vermogen in eigendom had en 8.400 van hen al
minstens 10% tot 12%.
belasting op vermogen
Binnen de EU wordt alleen in Spanje vermogen belast. Tegenstanders van invoering
van vermogensbelasting in Nederland wijzen op het open karakter
van de Nederlandse economie met de sinds de 90er jaren ingevoerde vrijheid
voor kapitaal export.
Lobbyisten houden parlementariers gevangen door te dreigen dat invoering
van vermogens belasting tot kapitaalvlucht zal leiden. Ongetwijfeld zijn de zakken
van vermogenden diep genoeg om eindeloze juridische procedures aan te gaan tegen de Staat,
mocht er wetgeving komen de vermogens te belasten.
De belastingdienst houdt al jaren vol dat ze voorlopig helemaal geen belastingwijzigingen
aan kan door personeelstekort en capaciteitsgebrek op de digitale systemen.
