1 mei komitee
1 mei komitee logo
Conjunctuur golven in de USA en EU landen38

In het loondebat doen sommigen alsof het patroon van versnelling en vertraging van de economische groei in Nederland direkt afgeleid is van het wereldgebeuren en vooral van de USA.
Uiteraard is dat niet zo. Ieder land heeft een economie die voortkomt uit een eigen ontwikkeling van bedrijfstakken. Dat is te herkennen in groeicijfers gepubliceerd door de OESO:


grafiek 38-1

Een in de tijd vast groeipercentage komt in geen enkel land voor. Economie kent alleen maar golfbewegingen. En die zijn per land verschillend in tijd en in hoogte. En soms ook tegengesteld. Voorspellingen op basis van wat er in een buitenland gebeurt, slaan nergens op.


grafiek 38-2

Over 20 jaar blijken de grote economische blokken ieder een eigen ontwikkeling in groei
door te maken. De groei van de EU vergeleken met die van de USA toont:
verandering van het groeitempo in de blokken vindt niet gelijktijdig plaats


grafiek 38-3

De grafiek van de korte termijn groei in de USA toont wel zeer grillige wisselingen,
vergeleken met de stabielere groeiontwikkeling binnen de Europese Unie van 15 landen.

Waarom beweerden dan eind 2000 de ondernemers organisaties in Nederland dat tegenvallende groei in de USA, loonmatiging in Nederland noodzakelijk maakte?
Veel middelgrote ondernemingen uit Nederland behalen een groot deel van hun omzet in de USA.
En tot 2002 een nog groter deel van hun winst door valuta voordeel.
Voorzienbare tegenvallers in de USA probeerden ze alvast op de Nederlandse economie te verhalen.

Het was hun keuze in de USA te investeren.
Daar moeten ze de Nederlandse bevolking niet mee lastig vallen.


grafiek 38-4

De groei van Nederland vergeleken met die van de 15 landen van de Europese Unie
toont over 20 jaar:

het versnellingstempo van de economische groei loopt ongeveer parallel, daarbij ligt de economische groei in Nederland hoger dan in de Europese Unie als geheel.

ga door naar: (45. loonsom stijging)
jan-03 / febr-05

kleine logo
Eigenlijk zijn economische ontwikkelingen pas echt over periodes van 5 jaar of langer te ontdekken.
Maar omdat de overleveringstijd van managers en politici veel korter is, worden er graag op te korte termijn voorbarige conclusies getrokken.
Vandaar het gebruik van kwartaal cijfers vergeleken met hetzelfde kwartaal van een jaar eerder. Heel weinig zeggend zijn de meldingen van kwartaal op kwartaal.